Persoonlijk

15 x een band opbouwen met mijn kinderen

Het allerbelangrijkste aan mijn taak als moeder vind ik om ervoor te zorgen dat ik écht een band opbouw met mijn kinderen. Vandaag meer over het hoe en waarom. Lees mee!

Edit: geen Happy Moments vandaag omdat ik gisteren zo ziek als een hond was en dus geen energie had om het hele fotodagboek in elkaar te draaien. Ik ga dat vanavond wél doen, dus morgen komt ‘ie alsnog online!

“If you don’t listen eagerly to the little stuff when they are little, they won’t tell you the big stuff when they are big, because to them all of it has always ben big stuff.”  Dit las ik ooit ergens en het kwam best wel binnen. Het deed me beseffen dat de jaren die ik nu met mijn kinderen spendeer, niet alleen de basis vormen voor hoe zij zich ontwikkelen en hoe zij zullen groeien, maar dat deze tijd ook bepaalt hoe de band tussen ons is.

Ik heb het als eens eerder genoemd, maar als er één woord is waar ik heel veel waarde aan hecht, dan is het vertrouwen. Daar schreef ik HIER al eens eerder over. Daar werk ik dus iedere dag weer actief aan. Maar er zijn natuurlijk nog duizend dingen die ik doe om de band tussen mij en de kids sterk te maken. Ik deel ze niet alle duizend, maar hou het bij 15. Lees maar mee!

  1. Luisteren
    Best een opgave want vaak zijn de verhalen ontzettend onduidelijk, maar ik probeer altijd te luisteren als de kinderen me iets duidelijk willen maken. Omdat ik dus geloof in wat hierboven staat: als ik ze nu al niet serieus neem, dan gaan ze mij over twintig jaar ook niet (meer) serieus nemen.
  2. Spelen
    En als het effe kan, dan graag met de telefoon aan de kant. Ik maak graag lol met de kids. Speel eindeloos verstoppertje, bouw duizend toren met de Duplo en doe graag gek op de trampoline. Hele simpele dingen natuurlijk, maar dat is ook de kunst van het opvoeden: genieten van de kleine dingen. Want die kleine dingen zijn voor die mini’s best wel grote dingen.
  3. Tot rust komen
    Na een drukke dag is het fijn om op een veilig plekje tot rust te komen. Bij mama dus. Een boekje lezen, een filmpje kijken: we bouwen er iedere dag wel minimaal een kwartiertje voor in. Ik hoop dat de kinderen hierdoor leren dat ze bij hun ouders altijd een rustpunt hebben.
  4. Creatief bezig zijn
    Het allerlaatste woord wat ik bij mezelf vind passen is ‘creatief’, maar oké, het is best wel belangrijk om dit te stimuleren bij je kinderen. Dus tover ik zo nu en dan de verf op tafel. Of de stiften. Tijdens dit soort momentjes komen er vaak weer hele verhalen voorbij – het is voor de T’s best een uitlaatklep om de kleien zeg maar – dus het is gewoon een nuttig moment van quality time. Worden we allemaal blij van.
  5. Herinneringen maken
    We maken geregeld een leuk uitstapje. Dat hoeft echt niet spectaculair, maar gewoon een uurtje zwemmen, even naar het krijspaleis, een bezoekje aan de kinderboerderij of een rondje fietsen is al genoeg. Ook investeer ik graag in één-op-één tijd met de kids. Dan laat ik er eentje achter bij papa/opa/oma/tante en de ander neem ik mee voor wat leuks. Zo ging ik zonder Tess maar met Ticho naar de Efteling en Julianatoren. Dit soort momentjes van qualitytime vind ik belangrijk. Zeker omdat Ticho natuurlijk nog heel jong was toen zijn zusje geboren werd. Tess haar momentjes met mij komen straks, als Ticho op school zit.
  6. Ritueeltjes
    Ik geloof er sowieso voor honderd procent in dat ritueeltjes en voorspelbaarheid enorm bijdragen aan het wel en wee van een kind, maar los daarvan hebben wij ook zo onze ritueeltjes wat echt momentjes van ons zijn. Bijvoorbeeld het standaard rijmpje dat we opzeggen voordat we gaan slapen (welterusten, slaap lekker, tot morgen, ik hou van jou en ik zal altijd voor je zorgen) of die twee minuten in de gele auto bij de supermarkt nadat we afgerekend hebben. Dat we echt iets van ons samen hebben, dat komt de band ten goede.
  7. Vragen stellen
    Meestal is het antwoord op al mijn vragen onverstaanbaar of enorm beperkt, maar toch blijf ik vragen. Naar hoe het op schooltje was. Met wie ze gespeeld hebben. Of ze een leuke dag gehad hebben. Wat ze het leukste van de vakantie vonden. En nog duizend andere dingen. Oprechte interesse tonen en ze af en toe ook overvallen met een verrassende vraag.
  8. Laten helpen
    Het zal je verbazen waar je die ukkies allemaal voor kunt inzetten. Even helpen met de boodschappen opruimen, de vaatwasser uitpakken, de luier van de jongste verschonen, kleertjes uitzoeken en ga zo maar door: ik geef ze graag het vertrouwen en het gevoel dat ze ontzettend nuttig zijn.
  9. Er zijn
    Ja, dit klinkt als een open deur en het is natuurlijk een feit dat ik er altijd ben – kan moeilijk de deur achter me dichttrekken en er vanuit gaan dat ze zichzelf wel een dag weten te redden – maar ik bedoel er écht zijn. Altijd. Wanneer ze me nodig hebben. Dat betekent dus ook midden in de nacht. Heus niet dat we voor ieder piepje in de kinderkamers staan, maar als er verdriet is dan neem ik ze lekker bij me. Ik wil dat ze weten dat dat mag. Altijd. Hoe onchristelijk het tijdstip ook is.
  10. Zeggen dat ik van ze hou
    Of blij met ze ben. Trots op ze ben. Ik vind het heel belangrijk om ze dat niet alleen te laten zien middels mijn handelen, maar het ze ook gewoon te vertellen. Dat doe ik sowieso iedere dag voordat ze gaan slapen, maar ook tussendoor vertel ik het. Nooit genoeg, wat mij betreft.
  11. Duidelijk zijn
    Tja, dit hoort er ook gewoon bij. Dat is niet altijd even leuk, want het betekent ook nee verkopen, maar wel noodzakelijk. Ik ben ervan overtuigd dat kinderen duidelijkheid in de vorm van regels en grenzen nodig hebben en dat dit uiteindelijk alleen maar ten goede komt aan de band die je met ze opbouwt omdat er minder frustraties zullen zijn.
  12. Eindeloos kusjes geven en knuffelen
    Hier zijn we dol op, allemaal. Ik knuffel en kus wat af. Ticho vindt het ook fijn. Die komt graag kusjes brengen of even met me kroelen en sowieso wil hij iedere avond even een groepsknuffel. Tess is iets minder aanhankelijk, maar ook die kleine wurm moet eraan geloven.
  13. Ruimte voor emoties
    “STOPPEN MET HUILEN”, ik hoor het mezelf weleens roepen. Negen van de tien keer word ik daarna overvallen door een schuldgevoel van heb ik jou daar. Want hoe irritant ik dat gezever om niks ook vind, het is ook heel belangrijk om je kinderen te leren dat het best mag, boos of verdrietig zijn. Even troosten, benoemen dat het oké is en daarna samen op zoek naar een oplossing. Het lastige aan dit punt vind ik wel dat ik ook weer niet wil dat het van die jankerts worden. Uiteindelijk is het wel de bedoeling dat ze met een beetje tegenslag kunnen dealen zeg maar. Nog best wat te leren voor moeke dus.
  14. Dingen leren
    En dan bedoel ik echt niet per se leren tellen, kleuren leren of het alfabet onderwijzen. Ik bedoel eigenlijk meer dat ik ze dingen leer over het leven. Dat bepaalde acties bepaalde consequenties hebben ofzo. En dat doe ik dan weer liever niet met straffen omdat ik niet denk dat dit de beste oplossing is. Met straffen los je de kern van het probleem niet op. Betekent overigens niet dat ik nooit straf hoor, want soms valt er gewoon even niets op te lossen en moeten beide partijen afkoelen. Op de trap. Voor drie minuten. Dingen leren over gevolgen van acties, dat doen we dan daarna.
  15. Vertrouwen geven
    Ik noem ‘m toch nog maar eens: ik wil mijn kinderen vertrouwen geven. In zichzelf, maar ook in mij. Ik wil dat ze weten dat ik ze steun, help, dat ze altijd op me kunnen rekenen, dat ik het beste met ze voor heb én dat ik vertrouwen in ze heb.

Dit zijn een beetje de dingen die ik vrijwel dagelijks toepas om ervoor te zorgen dat mijn kinderen en ik met elkaar kunnen lezen en schrijven. Dat we aan één woord of één blik genoeg hebben. Dat we weten dat we op elkaar kunnen rekenen. Of het op de langere termijn goed uitpakt dat kan ik niet garanderen, maar ik ben er wel heilig van overtuigd dat dit een hele mooie basis is.

Heb jij ook bepaalde en specifieke dingen die je doet om de band met je kind(eren) zo goed mogelijk te maken of te houden?

Bedankt voor het lezen!


Wil je niets missen? Volg me dan op Instagram (@anoukzwager). Vind ik leuk!

Dit vind je misschien ook wel leuk!

1 Comment

  1. Nummer 3 vind ik ook wel zoeken soms.. Meestal kijk ik wáárom het huilen is. Voor echt kleine dingen zeg ik heel rustig: ‘Nee hoor, huilen is niet nodig.’ En gaan we verder (afleiden). Geen aandacht meer aan schenken helpt echt.
    Bij andere dingen geef ik een knuffel en een kus en is dat voldoende.
    En bij grotere dingen lekker op schoot, knuffelen, kus en benoemen wat er gebeurde en hoe dat voelt en eventuele verdere actie (bespreken hoe t beter kan, samen of hem het alleen laten oplossen etc.)
    Vaak kun je wel merken wanneer het als ‘machtsmiddel’ wordt ingezet.
    Nou al met al nog een heel verhaal, maar dit is niet een advies aan jou hoor Anouk. 😉 Gewoon mijn kant hoe ik daarmee omga.. 😊

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *