Krijgt Ticho een geitje?

Iedereen die mij een beetje kent weet dat ik niet bepaald een dierenliefhebber ben. Een huisdier is wat mij betreft dan ook niet echt aan aanvulling op ons gezin.

Helaas denkt Robert daar iets anders over. Die wil namelijk ergens in onze achtertuin een geit stallen. Ja, je lees het goed. Meneer wil een geit. Nu valt er – mits ik in een hele goede bui ben – nog wel te onderhandelen over wel of geen dieren, maar een geit is in mijn beleving meteen wel echt een behoorlijk dier. Ik bedoel, misschien kunnen we een goudvis nemen als een soort pilot, maar een geit?

Een huisdier schijnt best wel goed te zijn voor de ontwikkeling van je kind. Zo is uit verschillende onderzoeken gebleken dat kinderen die opgroeien met een huisdier een positiever zelfbeeld hebben, socialer én gezonder zijn. Het aaien van een dier (bijvoorbeeld een geit) werkt bloeddrukverlagend, heeft een positief effect op het immuunsysteem en kan ertoe leiden dat er geen of minder allergieën worden ontwikkeld. Op zich allemaal goede redenen om zo’n pluizig vriendje (dat hoeft niet per se een geit te zijn) te overwegen.

Wij hadden vroeger thuis een hond. Een hele lieve Golden Retriever met de fantastische niet-zo-honden-naam Maud. Wij kregen Maud toen ik een jaar of twaalf was en toen vond ik dat allemaal best wel leuk. De eerste paar weken, toen Maud nog Maudje was, liep ik regelmatig met het kleine pluizenbolletje aan de riem een blokje om. Als ik uit school kwam dook ik even bij het beest in de mand en als ik ’s ochtends wakker werd, maakte ik als eerste de bench open.

Maar goed, zoals dat bij 99 procent van de kinderen gaat, verschoof mijn aandacht al gauw naar alles behalve de hond op het moment dat ons pluizenbolletje het formaat van een Shetlander had aangenomen. Het resultaat: eindeloos veel discussies over wie de hond uit moest laten en mijn moeder die eigenlijk bijna altijd de klos was. Daarnaast voelde ik al vrij snel niet meer de noodzaak om bij thuiskomst als eerste Maud aan te halen (want daar gingen mijn handen van stinken) en ik denk dat ik na dat eerste half jaar nooit meer bij d’r in de mand gekropen ben. Mijn band met Maud is nooit heel hecht geworden, laten we het daar maar op houden.

Afgelopen najaar moest mijn moeder – die inmiddels een soort mantelzorger voor die bejaarde Golden Retriever was geworden – Maud in laten slapen. Heel verdrietig, want het beestje was toch dertien jaar onderdeel van haar huishouden. Toch kon ook mijn moeder niet ontkennen dat het wegvallen van de hond een paar voordelen had: ze hoefde niet meer nagenoeg in haar eentje voor dat beest te zorgen, ze hoefde geen vervangende uitlater meer te fiksen als ze moest werken én ze hoefde niet meer vijf keer per dag die lange vieze hondenharen op te ruimen. En het stonk niet meer zo naar hond in huis. Vond ik ook een goede reden om de dood van Maud te accepteren. Maar dat heb ik natuurlijk niet op die manier tegen mijn moeder gezegd (hoi mam).

Afijn, ik betwijfel nu dus of de voordelen opwegen tegen de nadelen. Ik wéét gewoon dat ík de persoon ben die de hond/kat/geit/goudvis/hamster/cavia moet uitlaten/schoonmaken/eten geven/verzorgen. On the other hand: het is dus ergens ook goed voor Ticho zijn ontwikkeling, gezondheid en weet ik veel wat nog meer. En Robert wil graag een geit. Maar ja, een geit vind ik gewoon heel heftig. Misschien kunnen we beginnen met een hamster. Die worden doorgaans een jaar of twee.


Volg je mij al op Facebook?
Volg je mij al op Instagram?

Een gedachte over “Krijgt Ticho een geitje?

  1. Ik ben echt een dierenliefhebber. Maar een geit zou ik nooit aan beginnen. Ken je dat gezegde: “van geiten leer je vloeken”? Geiten zijn expert in uitbreken en alles vernielen. Ze slopen je hele tuin als ze de kans krijgen.

Geef een reactie